Regelmatig komt Marianne Geurken (63) nog bijeen met haar schoolvriendinnen uit Hollandia. Ze is nooit teruggekeerd naar het land van haar jeugd maar ze denkt er nog regelmatig aan terug. Het artikel over Coklat Belanda in de vorige HapiNieuws deed haar meteen schrijven naar onze redactie. Want het is een plant die haar vader samen met collega’s ooit ontwikkelde in de jaren vijftig.

Vader Geurken werkte vanaf eind jaren veertig in Nederlands Nieuw-Guinea. Daar werd ook Marianne in 1951 geboren. Het gezin woonde op het Kota Nica proefstation aan het Sentani-meer. Hier werd geëxperimenteerd met gewassen als rijst, citrus, pisang en cacao. Ook werden er huizen gebouwd en Papoea’s opgeleid. “Op Kota Nica was men voortdurend bezig met het veredelen van onder andere de cacao. Dit laatste is een moeilijk product waarvan de oogsten vaak mislukken.”

In 1956 verhuisde het gezin naar Hollandia omdat de kinderen naar school moesten. In 1962 gingen ze naar Nederland, Marianne dacht voor een half jaar, maar het werd voor altijd. “We gingen wel vaker voor een half jaar op verlof, maar dit bleek niet het geval. Terugkeer in Nederland was als een koude douche.” Vader liet zijn werk van het ene op het andere moment achter.

“In de jaren tachtig heb ik geprobeerd een visum te krijgen voor een bezoek, dat is toen niet gelukt. Misschien is het maar beter ook, de situatie is te treurig.” In Nederland houdt ze de herinnering levend, onder andere in haar eigen kleine privémuseum. Daar bewaart ze ook een wikkel van een van de eerste repen chocola gemaakt van de ‘Coklat Belanda’.