school papua

Kinderen gaan naar school. De entree (rood-en-wit, de kleuren van de Indonesische vlag) laat geen twijfel over hun identiteit. De school maakt van hen Indonesische staatsburgers.

Uit het essay: Over beschaving, van Albertus Vembrianto uit Timika

Papoea-ouders vertrouwen hun kinderen toe aan docenten in de veronderstelling dat hun onderwijs hen perspectief op de toekomst biedt. Dat vertrouwen ze toe aan onderwijzers uit hun eigen cultuur, dokters en geestelijken; nooit aan militair personeel of ambtenaren van buiten. Dat wantrouwen heeft te maken met het lijden onder militaire repressie sinds 1962.

Scholen worden beschouwd als instellingen voor cultureel omdenken. De onderwijzers van buiten, niet-Papoea’s, leggen de leerlingen op modern te leven en te denken, zonder enige verbinding te zoeken met de culturele context waarin deze kinderen opgroeien. Klaslokalen vertegenwoordigen zo een eigen, voor hen vreemde wereld, die geen enkel raakvlak heeft met hun dagelijkse werkelijkheid.

Voor deze onderwijzers is het vanzelfsprekend dat lijfstraf een legitiem middel is om een rebellerend of ondeugend Papoeakind in het gareel te houden. Papoea’s zijn immers ‘primitief’. Deze ingebakken racistische manier van denken heeft grote gevolgen voor de pedagogische en didactische onderwijspraktijk op de scholen in Papua. Dat geldt met name voor de scholen in afgelegen regio in het binnenland. Onderwijs wordt gezien als een instrument om de cultuur te zuiveren van ‘primitief’ gedachtegoed en het nieuwe denken er in te hameren.

https://albertusvembrianto.com