Onlangs vroeg een van onze donateurs ons of we meer konden vertellen over de actuele situatie rond natuur en milieu in Papua. Via dit artikel geven we daar graag gehoor aan. En aan wie zouden we die vraag beter kunnen stellen dan aan onze ambassadeur Marc Argeloo? Marc is ecoloog en natuurhistoricus, fervent vogelaar en actief binnen de natuurbescherming. Zijn fascinatie voor Papua begon in 1993, tijdens een bezoek aan het eiland Waigeo. Sindsdien heeft hij zich verdiept in de unieke natuur van Nieuw-Guinea en in het bijzonder in de paradijsvogels en de relatie van de inwoners van Papua daarmee.
Naast de ongekend culturele rijkdom van Papua, waar meer dan 200 talen, prachtig houtsnijwerk en uitbundige lichaamsversieringen deel van uitmaken, is de natuur op vergelijkbare wijze van een grote diversiteit en schoonheid. Veel culturele uitingen van inwoners van Papua worden gekenmerkt door het gebruik van plant- en diermateriaal uit de directe leefomgeving van de inwoners. Veren, huiden en bladeren zijn daar voorbeelden van.
Papua plaatst de mens wat de natuur betreft voor de ene na de andere verrassing. Duizenden zoogdier-, vogel-, insect-, plant-, en paddenstoelsoorten komen uitsluitend op Nieuw-Guinea voor. Het eiland, en daarmee Papua, is in die zin vergelijkbaar met gebieden als de Amazone in Zuid-Amerika en het Congo Basin in Afrika. Een paar voorbeelden van deze unieke rijkdom zijn de paradijsvogels en de vele buideldiersoorten. Van die laatste zijn door samenwerking tussen de lokale bevolking en wetenschappers recent twee duizenden jaren geleden uitgestorven gewaande soorten in de Vogelkop ontdekt. De lokale bevolking heeft door de duizenden jaren van hun aanwezigheid heen diepgaande kennis, inzichten en een relatie met die natuur opgebouwd, wat een beslissende rol in deze ontdekking heeft gespeeld.
Deze rijkdom staat echter zwaar onder druk. Ontbossing van grote delen van Papua en het in cultuur brengen van moerassen en andere natuurlijke watersystemen eisen hun tol. Daarnaast is jacht op diersoorten voor levensonderhoud de afgelopen tientallen jaren uitgebreid naar jacht voor handelsdoeleinden (trofee, huisdier, voedsel). Deze combinatie van leefgebiedvernietiging en jachtdruk heeft veel soorten uit vele gebieden verdreven. Zo zijn kroonduiven in de omgeving van de grote steden van Papua, zoals Jayapura, Merauke, Manokwari en Sorong een zeldzaamheid geworden. Dat geldt ook voor veel, met name grote kuskussen (buideldieren). Betekent dat, dat deze soorten op het punt van uitsterven staan, wat regelmatig wordt verkondigd? Dat is gelukkig niet het geval, maar is ook het dilemma. De druk op de natuur van Papua is ongekend hoog, veel te hoog.
Tegelijkertijd is de uitgestrektheid van de bossen, de moerassen, maar ook de koraalriffen, groot en zijn veel van deze gebieden dun bevolkt en liggen zij -relatief- afgelegen. Een striktere bescherming, in samenwerking met lokale bevolkingsgroepen, is nodig om ook deze gebieden en de soorten die daar leven een veilige toekomst te bieden.

Marc Argeloo.

Een levende Sclater’s kroonduif wordt op de markt te koop aangeboden.

Gevlekte kuskussen, op de markt aangeboden voor verkoop, laten zien hoe handel extra druk legt op Papua’s kwetsbare natuur
