Eddy Korwa

Eddy Korwa

 “Mijn naam is Eddy Korwa en ik ben een Papoea.” Met deze zin begint Eddy (80) het voorwoord van zijn recent uitgebrachte autobiografie. In 1964 vlucht hij als 24-jarige jongen als verstekeling aan boord van een Nederlands vrachtschip naar Rotterdam. Sinds de overgave van Papua aan Indonesië voelt hij zich er niet meer thuis. Zijn weerstand tegen het Indonesische regime blijft niet onopgemerkt. Eddy voelt zich dan ook gedwongen zijn thuisland te verlaten, voor zijn eigen veiligheid en die van zijn familie.

Het is een verhaal over avontuur: bij toeval treft Eddy zijn Nederlandse penvriend Leo op het vrachtschip in Sorong, wat zijn vluchtkansen vergroot. Gewapend met enkel twee pakjes kauwgom begint hij aan de oversteek in de dubbele bodem van het schip. Het is ook een verhaal over cultuurverschillen: door streken uit te halen met zijn Nederlandse collega’s weet Eddy een einde te maken aan racistische opmerkingen op de werkvloer.

Maar dit verhaal gaat bovenal over de zoektocht naar de eigen identiteit. Al vanaf zijn eerste stappen op Rotterdamse bodem wordt Eddy opgevangen door de Papoea-gemeenschap. Zo krijgt hij werk, onderdak en een sayang – echtgenote. Met vallen en opstaan bouwt Eddy zijn leven op in Nederland. En dat leidt tot dubbele gevoelens wanneer hij in 1990 voor het eerst terugkeert naar zijn geliefde Biak. Het leven tussen twee culturen maakt hem – in zijn eigen woorden – “een vreemdeling in zijn vaderland.”

Toch laat de politieke situatie in Papua hem niet los. Vanaf zijn aankomst in Nederland zoekt Eddy, samen met andere Papoea’s, naar manieren dit verhaal onder de aandacht te brengen van een groter publiek. Muziek, dans, sport, dialoog, wandelingen, demonstratie en petities; alle middelen worden ingezet. Eddy raakt geïnspireerd door de visie dat deze strijd niet alleen over de Papoea’s gaat, maar over het respect voor mensenrechten en zelfbeschikking. De strijd van de Papoea’s is helaas een strijd van veel inheemse volken in deze wereld.

Hoewel Eddy niet langer de 24-jarige rebel is van toen, is hij nog altijd niet moe gestreden. Hoe kan hij ook ander: hij zal immers “tot zijn laatste snik” een Papoea zijn.

 Hapin leverde een financiele bijdrage om de totstandkoming van het boek mogelijk te maken. Het boek kost 21 euro (excl. verzendkosten)

https://verstekeling.webnode.nl/bestellen/